General Motors heeft de auto opnieuw uitgevonden. De meest alledaagse zaken als gaspedaal, versnellingsbak en stuurkolom zijn in deGM Hy-wire door ruimtevaarttechnieken overbodig geworden.
GM Hy-wire: Playstation games worden werkelijkheid. (Foto: GPD)
door Rob van Ginneken
Even wennen, zo merkten we tijdens een testrit in het GM Hy-wire prototype. Een stuurkolom,
dashboard, pedalen, remleidingen, een versnellingsbak, koppeling en
zelfs een herkenbare motor heeft hij niet. Daarvoor in de plaats krijg
je een zee van ruimte.
Is het toeval? Op de dag dat we een testrit maken met de unieke GM Hy-wire is het exact dertig jaar geleden dat de laatste Apollo maanlander en het elektrisch aangedreven maanautootje ons ademloos aan de beeldbuis kluisterde.
In veel opzichten lijkt het General Motors prototype op Apollo. Talloze ruimtevaart-technieken zijn al in ons dagelijks leven doorgedrongen - denk aan de computer - en met auto's als de Hy-wire nemen we weer een stap op die weg. De maanauto is letterlijk terug op aarde. Een 21e eeuwse manier om tegen mobiliteit aan te kijken. Ouderwetse zaken als het dashboard, de stuurkolom, het stuurwiel, pedalen, de versnellingspook en een verbrandingsmotor worden overbodig. Alles wat je nodig hebt om te rijden zit in dit geval in de bodemplaat weggewerkt.
Maar hoe bestuur je hem dan? De bedieningseenheid doet denken aan zo'n Playstation handsetje, waarmee de jeugd op het beeldscherm moeiteloos over de circuits scheurt. Dat opent ongekende mogelijkheden. In de Hy-wire kun je dat stuurtje bijvoorbeeld met een druk op de knop naar links of rechts laten schuiven. Maar de totale afwezigheid van klassieke bedieningselementen heeft nog een veel groter voordeel. Er zit letterlijk niets meer in de weg, zodat je de interieurruimte optimaal kunt benutten. Van de neus tot de achterklep. Een auto met de afmetingen van een middenklasser krijgt de ruimte van een jumboformaat mpv.
Even wennen
Werkt het ook? Ja en nee. Natuurlijk mag je de rijeigenschappen van dit
exotische prototype niet vergelijken met een klassieke auto. Met
technieken waaraan al meer dan een eeuw wordt gepoetst en gepolijst.
Maar toch, al na enkele minuten gewenning stuur je de Hy-wire ook met
dat ietwat rare bedieningshandvat precies waar je hem wilt hebben.
Feitelijk is de werking heel logisch, zeker voor mensen die al eens op
een motor of brommer hebben gereden. Je draait het handgreepje wat naar
je toe om gas te geven en knijpt erin om te remmen. Sturen doet hij op de
klassieke manier, door het handsetje naar links of rechts te bewegen.
Nou ja, klassiek... Alle commando's worden in dit geval natuurlijk
elektrisch aan de techniek in het vooronder doorgegeven. Door
stroomdraadjes dus, net als in een vliegtuig. In plaats van de flappen
op de vleugels van een Airbus (daar is de techniek namelijk van geleend)
bedienen de elektromotortjes in deze 21e eeuwse auto de remmen en het
stuurmechanisme. Nog niet zo verfijnd als in een normale auto, maar dat
is een kwestie van fijnregeling. En ook met de Hy-wire zoefden we al rap
probleemloos door een slalomproef.
Volgende vraag: waar zit de motor eigenlijk? Wanneer je om de auto heen wandelt, moet je automatisch denken aan een soort groot skateboard met daarbovenop een cabine. En zo is het ook: alles zit in dat skateboard verstopt. Een van de grote voordelen van al die ruimtevaart- en luchtvaarttechniek is dat je het heel compact kunt maken. De Hy-wire heeft - net als het maanautootje in december 1972 - elektrische aandrijving. En ontwikkelt zijn eigen elektrische energie met behulp van een zogenaamde brandstofcel - net als de Apollo-raket en de maanlander. Zo'n brandstofcel is een klein doosje waar je waterstofgas doorheen blaast. En dat levert elektrische energie op, in dit geval een vermogen van max. 129 kW. Omgerekend is dat 175 pk. Terwijl de aandrijving nauwelijks geluid maakt en uit de uitlaat alleen pure waterdamp komt. Een supermilieuvriendelijke auto, die zelfs in dit handgebouwd prototype al heel fatsoenlijke prestaties levert en zich gemakkelijk laat besturen. Je zou bijna zeggen: Laat maar doorkomen die Apollo 18.
Dat nu is nog even moeilijk. Technisch zijn we al bijna zover, maar het zal nog wel even duren voor je langs de snelweg ook waterstof kunt tanken. En voor elektrisch remmen en sturen moeten de Europese wetten worden aangepast. Toch zullen zowel de elektronische bediening als de brandstofcel volgens de specialisten van de grote autofabrieken al rond 2010 heel gangbare technieken worden. General Motors mikt tegen die tijd op een productie van zo'n 100.000 brandstofcelauto's per jaar. En dat betekent dat het hele concept van dergelijke futuristische auto's letterlijk binnen twee of drie jaar gewoon productierijp moet zijn.
Aanpassingen
Het zal immers ook nog enkele jaren vergen om de fabrieken aan te passen
en bijvoorbeeld de pompstations langs de snelwegen uit te breiden.
Vergezocht? Misschien is het dan nuttig te weten dat Opel ons ook nog op
pad stuurde met een Zafira met brandstofcel. Gewoon, in het dagelijkse
verkeer van Monaco. Die bleek niet alleen verbluffend goed te rijden,
maar hij kan in deze vorm ook gewoon in productie. Sterker nog, even
afgezien van de adembenemende stilte in het vooronder merk je eigenlijk
weinig van zijn toekomsttechniek. De komende twee, drie jaar wordt de
auto opnieuw uitgevonden, zo simpel is dat.