Muisstil in een snelle jongensdroom



De Porsche Cayman S is een fabelachtige auto. Bloedsnel, speeltje van toch al gauw middelbare heren met succes in het leven. Hoe ervaart een 20-jarige deze jongensdroom, wanneer hij er - zo hard als hij wil - Duitsland mee in mag.

door Rien van der Steen

Hij had er al vaak om gezeurd. Of we een keer met een echte Porsche naar een plek konden waar je zo hard kunt als je wilt. Duitsland dus. Mijn zoon van 20 vindt, zoals de meeste van zijn soortgenoten, Ferrari's leuk. Maserati's ook, maar bij een Porsche vallen al die exoten in het niet. Op zijn vijfde had hij al eens op het nietige achterbankje van een 911 gezeten. Sinds zijn rijbewijs heeft hij enkele rijvaardigheidscursussen gedaan bij Gijs van Lennep. Denkt dat hij onder leeftijdsgenoten de allerbeste coureur is en pocht nu onder vrienden over onderstuur en slappe vering.

Achter het stuur van de Porsche wordt hij stil. Muisstil. De verstelbare schokbrekers staan op de tweede stand, die van keihard. Een ander knopje heeft het kleine spoilertje achter doen oprijzen. De Cayman S produceert een imposante brul bij het accelereren. Tussen Kamp Lintfort en Neuss op een zo goed als verlaten Autobahn tikt de wijzer 262 km per uur aan. Zoon zegt helemaal niets. Zijn lippen strak op elkaar, klemt hij het stuurwiel in de knuisten. De motor huilt. Als hij het gas weer loslaat voel ik de opluchting. "Hij moet 275 kunnen", fluistert hij zacht. "Maar ik vind het zo wel mooi."


Hij zat al eens ooit in een dubbeldekker die een looping maakte maar dat haalt het niet hierbij. Hij stelt vast dat snelheid wel heel erg vlug went. Bij 160 km is de sensatie er gauw vanaf. "Ik kan me voorstellen dat mensen met dit soort auto's onverantwoord hard rijden", denkt hij plots filosofisch hardop. "Omdat ze niet meer beseffen hoe hard ze gaan."

Eigenlijk een Boxster
In een Maserati had ik hem al eens ooit laten voelen wat het is om meer dan 200 kilometer per uur te rijden. Nu zit hij zelf achter het stuur van misschien wel één van de beste sportwagens van het moment. Langzaam rijdend door een boerendorpje, voortsnellend op de Autobahn, gezapig toerend over de A61 met al zijn Baustellen. Het stuurgevoel verbaast, de bediening van de zesversnellingsbak pleziert, het onderstel verrast door precisie en goedmoedigheid.

Eigenlijk is deze vierde modellijn van Porsche een Boxster Coupé. Waar een gesloten auto normaliter het voorbeeld vormt voor de cabriolet, deed Porsche precies het tegenovergestelde. Na de open Boxster kwam een dichte, de Cayman. Met elektrisch instelbare stoelen die als gegoten zitten, een eenvoudig maar prachtig instrumentarium, goede bedieningselementen, een fabelachtig stel remmen en een bouwkwaliteit waar veel concurrenten een punt aan kunnen zuigen.


Dichtbij de 911
Zo'n nieuwe Cayman is twintig mille duurder dan een Boxster maar 27 mille goedkoper dan levende legende 911. En is daarom toegankelijk voor een breder publiek. Het is de allereerste niet-911 uit de Porsche-stal die het eeuwige icoon van Stuttgart zo dicht benadert. Iets goedmoediger dan die staartlastige geweldenaar, omdat de motor verder naar het midden ligt. De boxermotor ligt in het midden voor de achteras, zodat dit model voor- en achterin een hoop bergruimte heeft. Een achterbankje als in de 911 ontbreekt maar achter de stoelen kun je boven op de motor kleding en andere spulletjes onder een net kwijt.

Het blikkerige motorgeluid verdwijnt zodra er vermogen wordt gevraagd. De Cayman S heeft 'maar' 295 pk (een 911 S heeft er 355) maar spreidt wel een hoogst prettig motorkoppel ten toon. Als je een beetje door wilt rijden blijf je lekker schakelen met het dikke zesversnellingspookje. De zescilinder 3,4 liter boxer laat de Cayman S in 5,4 seconde naar de honderd razen.

Plankgas
Krachttermen kende mijn zoon nog niet, toen hij als vijfjarige met rode oortjes voor het eerst in een Porsche zat. Maar ook dat verandert in vijftien jaar, ondervinden we telkens als de splinternieuwe Cayman S er spinnend vandoor gaat. Houd het gas ingedrukt en dertien seconden later zit je aan de twééhonderd, een snelheid waarbij alle bomen één lange plank worden.

Dus daar komt dat woord plankgas vandaan. Of, zoals mijn zoon het uitdrukte, 'in de achteruitkijkspiegel kijk je niet meer, omdat je je niet kunt voorstellen dat er iets bestaat dat harder gaat'.

Het Duitse bier smaakt voortreffelijk, die avond. Als we de volgende dag weer thuis zijn, hoor ik hem wegsputteren met zijn bejaarde Mazda 323. Een paar uur later ontvang ik een sms'je. Zoon: "Wat is de koppeling van zo'n Mazda licht. Ik dacht dat hij kapot was toen ik vanochtend thuis wegreed!" Ik meld hem dat we een mooi verbruik van 1:9 gehaald hebben. "Zie je wel. Ruil die Volvo van je maar in tegen een Cayman!"

Partners: