Merken

Rover is een Brits merk dat al in vele gedaantes heeft weten te overleven.

Het is bijna niet te bevatten, maar in de beginfase van de automobiel was de Britse autoindustrie één van de meest vooruitstrevende en toonaangevende. Van de diverse succesvolle Britse merken heeft Rover het het langst volgehouden. Rover als merk is al erg oud, het werd in 1878 opgericht door de heren William Sutton en John Starley. De twee heren hadden Rover in het leven geroepen om fietsen te maken. De meeste fietsen waren rond die tijd nog erg instabiel en daardoor onveilig. Starley had een zogenaamde ‘Safety Bike’ ontworpen. Deze Safety Bike had een voor- en achterwiel van dezelfde maat. Ook zat je er lager op en ging de ketting naar de achterwielen. Precies zoals wij de huidige fiets ook kennen.

rover-safety-bike-black-side-1878-775.jpg

Vlak voor de eeuwwisseling komt Starley te overlijden. In die tussentijd was hij al aan het experimenteren met automobielen. Starley zelf had al een elektrische auto als prototype ontwikkeld, maar de eerste Rover auto zou een verbrandingsmotor hebben. Rond die tijd was het nog niet zeker op welke manier auto’s in de toekomst aangedreven gingen worden. Er werd geëxperimenteerd met stoom-, elektro-, turbine- en verbrandingsmotoren. De Rover 8 had zo’n laatste onder de kap, een 1.3 liter eencilinder motor. Ondanks dat de auto nog schreeuwend duur was voor het gewone volk, was de Rover 8 relatief betaalbaar. De hogere middenklasse kon zo aan deze vorm van mobiliteit snuffelen.

rover-8-hp-front-side-1904-775.jpg

Na de Tweede Wereld Oorlog braken de gloriejaren aan voor Rover. Geïnspireerd door de Willy’s Jeep ontwikkeld en lanceert Rover de Land Rover, een auto die tot 2017 in productie zou blijven. Ook legendarisch werd de Rover V8 motor. In principe was dit een slim ontworpen motor van Buick. Het blok was compact, krachtig, lichtgewicht en soepel. Voor Buick was het blok te klein, waardoor Rover de rechten van het ontwerp overnam en het aanpaste voor hun eigen auto’s. De eerste auto met dit blok was de Rover P5B. Dit blok (en varianten daarvan) zijn geleverd in een groot scala aan auto’s.

rover-p5b-coupe-black-rear-side-1967-775.jpg

Rover werd in 1967 opgenomen in de portfolio van British Leyland. Dat was toen nog een gigantisch autoconcern met grote merken als Triumph, Austin, Morris, Leyland National, Coventry Climax, MG, Riley, Daimler, Jaguar en Land Rover. Dit was een roerige periode. Vanwege extreem mismanagement konden de hoge heren van British Leyland alle sub-merken niet goed aansturen. Tel daarbij op dat er nogal een staak-mentaliteit in Groot-Brittanië hing en de bouwkwaliteit nogal te wensen overliet en het mag geen geheim zijn dat de meeste Britse merken werden het niet zouden redden. Dat wil niet zeggen dat er geen fraaie auto’s werden gebouwd, de Rover SD1 (3500) met V8 en achterwielaandrijving was zijn tijd ver vooruit met de fastback-carrosserie die we nu bijvoorbeeld kennen van de Audi A7.

rover-3500-sd1-grey-front-side-1976-775.jpg

In 1982 wordt er een doorstart gemaakt. De keuze valt op Austin-Rover als concernnaam. In deze periode moet Austin-Rover zijn wonden likken na het juk van Leyland. Het imago van de merken kwam behoorlijk in het geding. Dat kwam mede door de intrede van Japanse merken op de Europese automarkt. Qua betrouwbaarheid stonden de Japanse auto’s op eenzame hoogte, al helemaal als je deze vergelijkt met die van de Britse auto’s. Mede daardoor is een van de eerste wapenfeiten de Triumph Acclaim, in naam een Triumph, maar in feite een Honda Ballade. De opvolger van de Rover Vitesse, de ‘800’, was eigenlijk een Honda Legend.

rover-800-brown-side-1986-775.jpg

Intussen bleef het onrustig in de hogere regionen van het management bij Rover. Eind jaren ’80 wordt besloten enkel nog de naam Rover te gebruiken. In de voorgaande decennia is dit merk het minst bezoedeld geweest. De samenwerking met Honda wordt verder geïntensiveerd. Honda neemt een belang van twintig procent in Rover en vice versa. Beide merken hadden hier een strategische reden voor. Rover kon zo nog meer gebruik maken van (betrouwbare) techniek en Honda kon via Rover gemakkelijker toegang vinden tot de Europese markt.

rover-216-gsi-grey-front-side-1992-775.jpg

In de jaren ’90 leek het daadwerkelijk de goede kant op te gaan met Rover. Onderaan het gamma staan twee kleintjes meegenomen uit het verleden. De Rover 100 stamt overduidelijk uit het Austin tijdperk en de Mini nog van dáárvoor. De Rover 200 serie was de compacte middenklasser met een motor van Honda of Rover naar keuze. De 200 kon geleverd worden als hatchback, coupe en cabriolet. Een stapje hoger staat de 400, wederom gebaseerd op een model van Honda, ditmaal de Concerto. Ook bij deze auto is er keuze uit motoren van Rover (1.6), Honda (1.4) of Peugeot (diesels). Het grootste nieuws kwam in 1993, het jaar waarin de Rover 600 bij de dealers arriveerde. De 600 stond weliswaar ook op een Honda-platform (Accord), maar het was nu eens niet een verouderd. Het was een auto waar Rover uitstekend mee scoorde in de middenklasse.

rover-600-ff-grey-front-side-1993-775.jpg

In de eerste maand van 1994 neemt BMW een meerderheidsbelang van 80% in Rover. In de jaren ’90 fuseren er diverse merken en worden veel merken overgenomen. BMW ziet zich genoodzaakt om met Rover een sterk front te maken. Op zich is de gedachte nog niet eens zo gek. BMW bedient de hogere marktsegmenten, Rover het middensegment. Daarnaast heeft Rover met Mini en Land Rover ijzersterke troeven in handen. De eerste exponent van deze samenwerking is de Rover 75. Een Britse sedan met Duitse bouwkwaliteit. De auto wordt een redelijk succes; het is een goed alternatief voor een Volvo of Saab.

rover-75-blue-rear-side-1998-775.jpg

Met de 75 bewijst BMW dat het wel degelijk auto’s kan ontwikkelen. Het probleem is dat ook BMW totaal geen grip kan krijgen op fabrieken in Longbride en Solihull. De kosten per auto zijn veel en veel te hoog, de verkoopcijfers vallen telkens meer tegen en het is bijkans onmogelijk om de mentaliteit van de medewerkers de goede kant uit te krijgen. Dankzij deze vicieuze cirkel zijn alle aandeelhouders ontevreden. BMW verkoopt Rover aan de Phoenix Group voor 10 Pond en houdt Mini voor zichzelf, daarnaast verkopen ze Land Rover aan Ford. De vier heren van de Phoenix Group hebben de mooiste plannen met Rover, maar deze komen nauwelijks uit.

rover-75-tourer-25-25-45-75-front-side-1999-775.jpg

De gehele Rover range wordt in 1999 gefacelift om zo in de pas te lopen met de 75. In 2004 wordt de gehele range nóg een keer voorzien van een uiterlijke wijziging, een teken dat er geen geld is om een fatsoenlijk nieuw model te ontwikkelen. Er wordt naarstig gezocht naar nieuwe investeerders en die worden gevonden in de vorm van SAIC, een Chinese coöperatie. Dit loopt echter op niets uit waardoor Rover in 2005 de fabriekspoorten moet sluiten. SAIC haalt nog wel een truck uit de hoge hoed. Het lanceert het merk ‘Roewe’, het eerste automodel is de 750, een herziene variant van de Rover 75. Deze Chinese auto fungeert ironisch genoeg als auto voor mensen die vooralsnog toegewezen waren op de fiets, naar het ontwerp van 1876.

roewe-750-black-front-side-2006-775.jpg