Nieuws

Noorwegen bestaat bekend om zijn fjorden. Het oversteken van fjorden vereist een speciale aanpak; je kunt er namelijk niet doorheen of overheen. Soms zijn ze zo diep, dat je er ook onmogelijk onderdoor kan. De tijdrovende veerpont is dan de enige mogelijkheid. Maar de Noren hebben een alternatief bedacht: drijvende tunnels.

Van 20 uur naar 10 Nu vergt de autorit via de E39 vanuit het Zuiden (Kristiansand) naar het Noorden (Trondheim) twintig uur. Daarbij horen maar liefst zeven tochtjes met diverse veerponten. Dat zou in de helft van de tijd moeten kunnen met behulp van hangbruggen en tunnels. Een combinatie van beide, zoals bij de oversteek tussen Denemarken en Zweden, kan ook. Soms is een normale tunnel onderlangs echter niet mogelijk. Hiervoor hebben de ‘Statensvegsvegen’ (de Noorse RDW) een opwindend alternatief bedacht: tunnels die in het water drijven.

drijvende-tunnels-300x168.jpgZeeslang Zo’n drijvende tunnel is opgebouwd uit twee naast elkaar liggende tunnelbuizen (één per rijrichting). Die komen dus als een soort zeeslang in het water te hangen. Die buizen zijn aan de bovenkant bevestigd aan vlotters. Dat zijn een soort metalen luchtbellen, die op het wateroppervlak drijven. De tunnelbuizen komen op circa dertig meter diepte te hangen, de scheepvaart mag er tenslotte geen last van hebben.

10 uur winst, maar niet voor niets Denk nu niet gelijk dat je binnenkort al pontloos naar de Noordkaap kunt rijden. Het gaat nog wel een paar jaar duren voordat de plannen in daden zullen zijn omgezet. Als het zo ver is, zal de gebruiker er wel voor moeten betalen. Maar dat is een tien uur korter durende rit zeker waard.